Lade Inhalt...

Medz Yeghern. De rol van Pan-Turkisme en gewapende actoren in de Armeense genocide

Essay 2018 10 Seiten

Geschichte - Weltgeschichte - Moderne Geschichte

Leseprobe

INLEIDING

“De geschiedenis zal vruchteloos speuren naar het woord Armenië”1 - Winston Churchill, 1923

De bovenstaande uitspraak van Winston Churchill schetst een accuraat beeld van depositie waarin het Armeense volk zich in het begin van de twintigste eeuw bevond.Eeuwenlang hadden de Armenen als christelijke minderheid in relatieve vrede geleefdonder de sultans van Constantinopel. De Armenen hadden diepe wortels in het antiekeland van het Ottomaanse Rijk; zij ontleenden trots en waardigheid aan de kennis dat hunArmeense beschaving al duizenden jaren als een rode draad is opgenomen in degeschriften die men uit de geschiedenis geërfd heeft.2 Deze waardigheid werd henechter ontnomen in een intern, gewapend conflict dat uiteindelijk zou uitmonden in eenvan de eerste genocides van de twintigste eeuw. De volkenmoord die de Turkse staatuitvoerde op de etnische Armenen had tot gevolg dat zij gedoemd waren tot devergetelheid, want een volk zonder geschiedenis, gemeenschappelijkheid ofsaamhorigheid is geen volk. Om deze reden hebben de Armenen deze gebeurtenissengedoopt tot ‘Medz Yeghern’; de Grote Misdaad. In de historiografie over de Armeensegenocide is men dan ook al jaren in discussie over terminologie en interpretatie, kortomof men wel van een genocide kan spreken. Deze discussie is inmiddels echter achterhaald en voegt als theoretisch kader niet veel meer toe aan het debat over dehistorische analyse van het interne conflict in het Ottomaanse Rijk waarbij de Armenenop grote schaal betrokken werden. De meeste academici zij het er over eens dat men vaneen genocide kan spreken; zij ondersteunen dit aan de hand van de juridische definitie3 van de Verenigde Naties.4 Het is dan ook veel interessanter om te onderzoeken welkeactoren een actieve rol hebben gespeeld in het geweld dat tot een genocide leidde. In ditonderzoek wordt zowel de rol van de Turks/Ottomaanse staat onderzocht als die van deArmeense bevolking. Er zal dan ook getracht worden om de vormen van geweld teanalyseren; welke actoren gebruikte welke vorm van geweld tegen welke groepen? Doorde verschillende geweldsvormen en hun drijfveren te analyseren wordt een nieuwperspectief geboden om de Armeense genocide te onderzoeken, wat uiteindelijk eenklein steentje bijdraagt aan het erkennen en begrijpen van dit proces. De nadruk in ditessay zal liggen op de geweldsvormen uitgeoefend door soldaten, afgevaardigden ofvertegenwoordigers van de Turks/Ottomaanse staat en hun handlangers enerzijds enanderzijds de etnische Armenen die terugvochten met de middelen die zij hadden.Uiteraard worden deze gebeurtenissen in de internationale context van 1915 geplaatst.Na dit onderzoek moet dan ook vooral duidelijk worden van wat voor soort gewapendconflict men kan spreken, hoe haar actoren het best te omschrijven zijn en wat huninvloed op de escalatie van het geweld, en uiteindelijk de genocide was. Om tot eengrondige analyse te komen kunnen niet alle actoren uitgebreid behandeld worden en zaler daarom een selectie worden gemaakt in de groepen die het meeste invloed op hetverloop van de gebeurtenissen hebben gehad. Volgens de onderzoeker Uğur Ümit Üngörmoet benadrukt worden dat vier aspecten vermeden moeten worden bij het onderzoekdoen naar genocide, namelijk: emotionele, morele, juridische of politieke stellingname.5 Daar zal in dit onderzoek ook rekening mee worden gehouden. Er wordt dan ookgebruik gemaakt van onder andere Armeense, Turkse, Azerbeidjaanse, Engelse,Amerikaanse en Nederlandse bronnen om de onafhankelijkheid en betrouwbaarheid tewaarborgen. Bovengenoemde aspecten zullen als ondersteuning dienen om dehoofdvraag van dit onderzoek te beantwoorden, die als volgt luidt; “Wat waren de causale aspecten van de Armeense genocide en tot welke vormen van geweld werden de gewapende actoren van het conflict gedreven?”

INTERNATIONALE & POLITIEKE CONTEXT

Om de Armeense genocide en haar oorzaken goed te kunnen begrijpen dient men haarinternationale context te begrijpen en te analyseren. Het is voor dit onderzoek dan ookvan belang om de precaire positie van het Ottomaanse in de vroege twintigste eeuw tebekijken en hoe de Armenen zich in deze situatie onderhielden. Ook Rusland speelt alsregionale grootmacht een belangrijke rol in de politiek van Zuidoost-Europa, Turkije ende Kaukasus.

Het Ottomaanse Rijk was in het begin van de twintigste eeuw al erg verzwakt,waardoor het ‘de zieke man van Europa’ werd genoemd.6 Oost-Europees en Arabischnationalisme, het imperialisme van de grootmachten en interne politieke conflictenerodeerden de macht van de Turkse sultan en deed het rijk dat ooit van Algiers totBagdad reek langzaam ineenstorten. De achtereenvolgende Russisch-Turkse Oorlog(1877-1878), Turks-Italiaanse Oorlog (1911) en de Balkanoorlogen (1912-1913) warenoorzaken van grote territoriale verliezen en een omslag in de Ottomaanse politiek enalgemene ideologie van de Turken.7 De belangrijkste gebeurtenissen die de politiek vanhet Ottomaanse Rijk polariseerde waren de staatsgrepen van 1908 en 1909 waarbij de‘Jonge Turken’ aan de macht kwamen.8 Deze beweging ontstond uit de Ottomaans-Turkse middenklasse en vestigde zich in de politieke partij Ittihad ve Terakki (Comitévoor Éénheid en Vooruitgang (CEV)).9 Deze stroming voerde al vanaf 1890 oppositietegen de Sultan, maar werd na haar revolutie en machtsovername geconfronteerd doorgrote obstakels, in de vorm van territoriaal verlies, om de eenheid van het Rijk tewaarborgen.10 De nieuwe partij en haar machtspositie behoorden dan ook gelegitimeerdte worden in de samenleving, waardoor een nieuwe ideologische invulling aan depolitiek moest worden gegeven.11 In de identiteitsverschuiving van monarchie met deSultan aan het hoofd tot republiek probeerden de nieuwe machthebbers zich ideologischte onderscheiden van de oude elitaire garde, waardoor de vraag wie nu wél of niet bij deNieuwe Staat hoorden een steeds prominentere plaats kreeg.12 Door de openbaringenvan voormalige CEV-leden die zich later aansloten bij de oppositie, is een deel van deinterne methoden en geheime agenda aan het licht gekomen.13 Generaal Şerif Pasha, die 25 maart 1909 de CVE verliet en als banneling in Parijs leefde, was een van de meestvooraanstaande critici op de Pan-Turkse projecten van de partij en haar wens om allebeschikbare middelen aan te wenden om alle non-Turkse elementen in het Rijk te assimileren of te ‘Turkificeren’.14 Naarmate de economische teleurstellingen en politieke tegenslagen tussen 1908 en 1913 toenamen, kreeg de Ittihad -partij een steeds radicaler en gewelddadig karakter.15 De Pan-Islam (waarin er nog enige vrijheid was voor religieuze minderheden) werd vervangen door een sterk nationalistische Pan-Turkse (of Turaanse) ideologie, waarin alle Turo-Arische volkeren in de Balkan en Anatolië verenigd moesten worden in een Groot-Turks Rijk.16

TURKIFICERING EN INTERNE ZUIVERING

Een interne “zuivering” van niet-Turkse elementen en de eenwording van Turksevolkeren waren daarin onmisbaar en de eerste directe gevolgen die ingevoerd werdenin 1913 waren het verbieden van etnische en nationale groepen en het invoeren vanTurks als officiële voertaal van de staat.17 Met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlogbereikten de extreem-nationalistische elementen van het Turkse bestuur hun kookpunt.Met de Oorlogsverklaring van Oostenrijk-Hongarije werden ook de Osmaanse Turkenbetrokken bij de grootste oorlog die de wereld tot dan toe had gezien. Terwijl zij aan deDuits-Oostenrijkse kant waren geschaard, riep de Turkse staat de jihad uit -deIslamitische heilige oorlog tegen ongelovigen- waardoor het voormalige OttomaanseRijk verviel in een escalerend proces van decivilisering en een intensiverendgeweldsspectrum.18 In maart 1915 kreeg de gouverneur van de grensprovincie Van eenbevel uit Constantinopel om de etnische Armeniërs in zijn gebied gevangen te nemen ofte doden, omdat zij samen zouden werken met hun christelijke broeders, de Russen, endaarmee een gevaar voor de Nationale Veiligheid zouden zijn.19 Deze reden bleek nalater onderzoek ongegrond, omdat een groot aantal Armeniërs zich vrijwilligaanmeldden om in Turkse regimenten tegen de Russen te vechten.20 10.000 Armeniërsin de provincie Van vonden de dood door Turkse geweren, banjonetten en sabels, totdatde Russen de provincie veroverden.21 Twee maanden later besloten 200.000 Armeniërszich, gedekt door de tsaristische troepen terug te trekken naar de Russische grens omeen herhaling van de slachtingen tegen burgers te voorkomen.22 Deze massale vluchtwerd door de Turkse bestuurders bestempelt tot “opstand” en diende als legitimatievoor de genocidale vervolgingen van het regime.23 Als reactie op dit “verraad” van deArmeniërs werden een aantal wetten en bevelen doorgevoerd in de Turkse politiek dieervoor zorgden dat vanaf 24 april 1915 binnen een aantal dagen 650 prominenteArmeniërs, die cruciaal waren voor de Armeense politiek, cultuur, religie en economie, in Constantinopel werden opgepakt en gedood.24

[...]


1 Winston Churchill, The World Crisis, vol. 5, “The Aftermath” (New York: Charles Scribner’s Sons, 1929).

2 Jenkins, Williams, e.a., The Modus Vivendi Centre: Legacy Reprint and Archival Document Publication Series, vol. 1, “The National Geographic Magazine on Armenia and theArmenians 1915-1919” (Yerevan, 2014).

3 Juridische definitie ‘genocide’ van de Verenigde Naties: “Genocide means any of the following acts with intent to destroy, in whole or in part, a national, ethnical, racial or religious group as such by: a) killing members of the group, b)causing serious bodily or mental harm to members of the group, c) deliberately inflictingon the group conditions of life calculated to bring about its physical destruction in whole orin part, d) imposing measures intended to prevent births within the group and e) forciblytransferring children of the group to another group” (Artikel II, 1948, Verenigde Naties,Genocide Conventie).

4 Anthonie Holslag, In het gesteente van Ararat. Een onderzoek naar de relatie tussen collectief geweld en identiteitsvorming in de Armeense gemeenschap (Soesterberg, 2010)136-137.

5 Uğur Ümit Üngör, “Studying Mass Violence: Pitfalls, Problems, and Promises,” Genocide Studies and Prevention 7, 1 (April 2012) 69.

6 Charles Swallow, The Sick Man of Europe: Ottoman Empire to Turkish Republic, 1789-1923 (London, 1973) 5.

7 Armen Khachikyan, History of Armenia, A Brief Review (Yerevan, 2010) 150.

8 Anthonie Holslag , In het gesteente van Ararat. Een onderzoek naar de relatie tussen collectief geweld en identiteitsvorming in de Armeense gemeenschap (Soesterberg, 2010)133.

9 Anthonie Holslag, In het gesteente van Ararat, 133.

10 Ibidem.

11 Ibidem, 134.

12 Ibidem.

13 Raymond Kevorkian, The Armenian Genocide: A Complete History (London, 2006) 120.

14 Raymond Kevorkian, The Armenian Genocide, 120.

15 Anthonie Holslag, In het gesteente van Ararat, 134.

16 Ibidem.

17 Ibidem, 134-135.

18 Ibidem.

19 Ibidem.

20 M. Matossian, The Impact of Social Policy in Armenia (Leiden, 1962) 60.

21 Anthonie Holslag, In het gesteente van Ararat, 136.

22 Ibidem.

23 Ibidem.

24 Ibidem.

Details

Seiten
10
Jahr
2018
ISBN (eBook)
9783668820470
ISBN (Buch)
9783668820487
Sprache
Niederländisch
Katalognummer
v443945
Institution / Hochschule
Universiteit Utrecht
Note
7,5
Schlagworte
History Middle East Turkey Ottoman Empire Armania Armenian Genocide Genocide Guerilla's Modern History

Autor

Teilen

Zurück

Titel: Medz Yeghern. De rol van Pan-Turkisme en gewapende actoren in de Armeense genocide